Wie is die ‘ik’?

Het woord ‘ik’ is één van de meest gebruikte woorden in ons dagelijks taalgebruik. 

Ik ben een man. Ik ben een vrouw. Ik ben groot. Ik ben postbode. Ik ben boos. Ik ben slim. Ik ben de persoon in dit lichaam. Ik denk dus ik besta. 

De focus in ons praten en ons denken ligt altijd op datgene wat ná het woordje ‘ik’ of ‘ik ben’ komt.

Laten we de focus eens verleggen naar de ‘ik’. 

Wie is die ‘ik’? 

Als we dat gaan onderzoeken laten we alle aangeleerde concepten weg. 

We denken niet in termen van geslacht, huidskleur, gewicht, baan en andere zaken waarmee we onszelf vaak beschrijven.

Laat die los.

Stel jezelf dan de vraag. ‘Wie ben ik?’

Merk dat je focus zich naar binnen richt. 

Neem eens een gedachte. Bijvoorbeeld ‘Ik wil een kopje thee.’ 

Pauzeer eens tussen twee woorden in deze gedachte.

Bijvoorbeeld tussen kopje en thee. 

Het woord kopje is dan al voorbij en het woord thee moet nog komen.

Je zit dan als het ware in het niemandsland tussen deze twee woorden middenin die gedachte.

Nogmaals: het eerste woord is al weg en het tweede moet nog komen. 

Waar of wat ben jij in die tussentijd? 

Er is nog nooit iemand geweest die heeft geantwoord: ‘dan ben ik er niet.’ 

We weten immers dat we er altijd zijn.

Ervaar opnieuw dat je focus zich naar binnen richt. 

Door de vraag ‘Wie ben ik’ keer op keer te stellen komen we tot een nieuw inzicht. 

Ik ben iets anders dan een lichaam en een bundeltje gedachten en gevoelens. 

Ik ben niet die persoonlijkheid, die identificatie met alles zoals ik mezelf tot nu toe heb beschreven.

Ik zit diep van binnen, waar dat ‘binnen’ dan ook mag zijn. 

Die ‘ik’ is wat je echt bent en altijd geweest bent. 

Die ‘ik’ is niet alleen de bron van het verlangen om in rust, vrede en liefde te zijn. 

Die ‘ik’ ís dat. 

Alles wat je verlangt en meent buiten jezelf te moeten vinden 

heb je altijd bij je. 

Je bent alles en iedereen. 

Je bent eindeloos.